Luchtgeweer schieten

Luchtgeweer schieten

De discipline waarmee alles begonnen is: Luchtgeweer schieten.

Als beginnend schutter heb je nog niet zoveel kracht om een wapen met goed fatsoen te kunnen optillen. Daarom beginnen de jongere schutters met opgelegd schieten, ik dus ook. Het geweer wordt dan aan de voorkant op een statief gelegd, waardoor het grootste deel van het gewicht van het wapen weg valt, echter kan er wel nog (bijna) vrij bewogen worden.

In 1998 ben ik begonnen met opgelegd schieten, het bleek dat ik talent had. Ik won meteen al de regionale en landelijke finale dag van de jeugdcompetitie. Echter dat opgelegd schieten vond ik niet echt een uitdaging, iedereen (de “grote jongens”) schieten namelijk vrijhand, zonder statief dus. Op het eind van dat jaar ben ik dan ook begonnen met vrijhand te schieten, ik heb mij toen een schietpakje bij elkaar gespaard en ik ben toen begonnen. In het jaar daarop bleek ik ook vrijhand goed te kunnen schieten en werd ik uitgenodigd om eens te komen meetrainen met het Nederlands team. Uit die training kwam een aanbeveling van de kernploegtrainer aan de KNSA ( Koninklijke Nederlandse Schutters Associatie) voort. Ik ben toen de week voor “Intershoot”, de enige Nederlandse internationale wedstrijd, op 13 jarige leeftijd bij het team gekomen.

Luchtgeweer schieten: hoe werkt dit?

Bij luchtgeweer schieten schiet je met een luchtgeweer (goh!) op 10 meter afstand op een schijf. Deze schijf is verdeeld in ringen die de punten aangeven. De eerste ring is 1 punt, het puntje in het midden van de schijf (0,5mm groot) geeft 10 punten. Het is nu dus de bedoeling om zo vaak mogelijk dat kleine puntje te raken.

Luchtgeweer schijf
Luchtgeweer schijf

Als we het nu over luchtgeweer schieten hebben vermelden we er bijna nooit de discipline bij. Dit komt omdat bij luchtgeweer alleen de discipline “10m luchtgeweer staand” een Olympische discipline is. Als er dus niets bij vermeld staat, betekent dit dus dat het een staande wedstrijd was. Buiten de discipline staand, wordt er in Nederland ook nog liggend, knielend en 3 houdingen (20 schoten liggend, 20 schoten staand, 20 schoten knielend) geschoten. Op de onderdelen liggend en 3 houdingen ben ik Nederlands recordhouder met respectievelijk 400 (maximum) en 597 (200 197 200) punten.

De kogels waar wij mee schieten zijn gemaakt van lood en hebben de vorm van een diabolo. Het kaliber is 4,5mm of in de meer “Rambo” termen uitgedrukt: .144. De voorkant is dicht en de achterkant is open. Op het moment dat het schot gelost wordt, komt er een hoeveelheid perslucht achter het kogeltje en deze wordt als het ware door de loop geperst. De snelheid bij het verlaten van de loop ligt ongeveer op 175 m/s = 670 km/h

Door middel van een ‘Scatt’ is het mogelijk om de bewegingen die je maakt zichtbaar te maken op een computer. Met dit apparaat is het mogelijk om de bewegingen te analyseren en te verbeteren. Hieronder ziet u een tweetal Scatt-filmpjes, zodat u een beeld krijgt van de beweging die de topschutters maken. Het eerste filmpje geeft een perfecte beweging weer. De tweede toont het perfecte schot in score, namelijk een 10.9

Wat is een luchtgeweer?

Vroeger moest je voor elk schot eerst je geweer spannen. In het begin had je de “knikloop-buksen” om deze wapens te spannen moest je de loop omlaag knikken, waardoor er een veer gespannen werd die vervolgens de luchtaandrijving verzorgde.

fwb300s
fwb300s – zijspanner

De opvolging daarvan waren de “zij-spanners”. Deze wapens werkten eigenlijk op dezelfde manier als de knikloopgeweren, met het verschil dat de loop niet meer werd geknikt, maar een spanhendel aan de zijkant van het wapen werd gerealiseerd. Deze wapens worden nog steeds vaak gebruikt op verenigingen als verenigingswapen (voor de jeugd, of voor startende schutters die eerst willen kijken of de sport hen bevalt).

Zijspanwapen met compressiekamer
Zijspanwapen met compressiekamer

Na deze periode, kwam er een periode met geweren die een compressiekamer hadden. Dit houd in dat er bij het spannen van het wapen geen veer meer wordt strakgetrokken, maar een zuiger lucht comprimeert. Deze lucht wordt dan in een compressiekamer gehouden. Op het moment dat je de trekker overhaalt, gaat het ventiel in deze kamer open, en kan de lucht zijn weg richting de loop gaan. Dit soort wapens is vele malen nauwkeuriger dan de veerspanwapens van daarvoor. Verder voordeel is dat de terugslag van het wapen nog amper merkbaar is, dit in tegenstelling tot de veerspangeweren waarbij tijdens het schot een behoorlijke beweging in het wapen merkbaar is (de veer/zuiger die losgelaten wordt).

Eerste generatie persluchtgeweer - Feinwerkbau P70
Eerste generatie persluchtgeweer – Feinwerkbau P70

Sinds dat ik ben begonnen met schieten is er een nieuw type wapen, dat nog steeds gebruikt wordt: het persluchtwapen. Het wapen is eigenlijk identiek aan de zijspanners, met het verschil dat de wapens niet meer gespannen hoeven te worden. Dit is een groot voordeel aangezien het spannen van het wapen toch enige kracht vereist. Onder de loop zit nu een persluchtcilinder gebouwd, die de lucht naar een reduceerventiel leidt, waar de persluchtdruk wordt verkleint van 200 of 300 Bar, naar zo’n 80 Bar (de druk die nodig is om de juiste snelheid te bereiken).

CO2 Luchtgeweer
CO2 Luchtgeweer

Ook is er een generatie wapens geweest, net voor de persluchtwapens, die werkten op CO2. Echter waren deze wapens minder nauwkeurig dan de huidige persluchtwapens, ook was de manier om de CO2 cilinder te vullen erg omslachtig: om voldoende gas in de cilinder te kunnen krijgen, moest je deze eerst een half uur in de vriezer leggen. Als je dit dan vergeten was, kon je niet even snel vullen. Met de huidige generatie persluchtwapens kun je de cilinder losdraaien en op een persluchtfles vullen, zonder deze eerst te hoeven koelen. Doordat het gas een andere druk heeft bij verschillende temperaturen, is het dus ook niet constant bij wisselende buitentemperaturen. Denk maar eens aan een warme wedstrijd in Spanje, 40 graden is geen uitzondering. Of het tegenovergestelde in een slecht geïsoleerde schietbaan in de winter, waar men bezuinigd op de stookkosten kan het zo maar net 5 graden zijn. Het wordt dan erg moeilijk om de juiste munitie te vinden, aangezien dit mede afhankelijk is van de snelheid van het wapen (die vervolgens weer afhankelijk is van de buitentemperatuur).

Volgt u het nog? Genoeg over de technische kant.

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *